De man die er altijd was

Met het overlijden van Edward ‘Ted’ Kennedy verliezen de Verenigde Staten zowel een instituut als de laatste grote telg van een koninklijke familie. Bij gebrek aan een echt vorstenhuis hebben de Amerikanen zich steeds op de glamour en glitter van de Kennedy’s gefocust. De gegoede familie uit Massachusetts bracht een drietal vlotte jongens voort die voorbestemd waren om het land te leiden, maar enkel John Fitzgerald schopte het tot president totdat hij in 1963 werd vermoord. Dallas & Oswald, weet u wel… Ook Bobby, die mogelijk nog meer uitstraling dan zijn broer had, zag nooit zijn kleinkinderen. Hij werd, in volle campagne voor de presidentsverkiezingen, in 1968 in Los Angeles vermoord. In vijf jaar tijd waren twee iconen van het toneel verdwenen. Twee mannen die het nieuwe, moderne Amerika symboliseerden hebben nooit hun ambities ten volle kunnen realiseren. De derde in de rij, Edward, schopte het noch tot minister, noch tot president, maar kon zich vanuit zijn functie als senator beter dan wie ook naar het centrum van Washington laveren.

Ondanks het feit dat hij met zijn 77 lentes niet stokoud is geworden bekleedde hij langer een publieke functie dan dat John of Bobby ooit hebben geleefd. In de Senaat was Kennedy een instituut geworden; de uitdrukking ‘Senator Kennedy’ zelfs een begrip. Hij deed in zijn lange carrière in de hoge vergadering – 47 jaar – meer dan 2500 wetsvoorstellen, waarvan een kwart effectief haar weg naar de Amerikanen vond. In alle grote issues van de laatste halve eeuw kon Kennedy met een gezaghebbende stem spreken. Hij was iemand die er altijd was en nooit verlegen om zijn mening te zeggen.

Zelf was hij niet onbesproken. Hij stond door zijn vaak flamboyante levensstijl meer dan eens in de roddelpers. Het ongeval waarbij een medewerkster aan de campagne van zijn broer omkwam is nooit echt opgehelderd. Kennedy leek van deze smet op zijn blazoen de laatste kwarteeuw geen last meer te hebben. Tot aan zijn ziekte reisde hij het land rond om zich voor zijn grote droom – gezondheidszorg voor iedereen – in te zetten. Net op het moment dat Barack Obama zijn grote hervormingen in de gezondheidszorg wil doorzetten verliest de president zijn prominente bondgenoot. De Verenigde Staten nemen afscheid van een kleurrijk figuur.

Dit artikel in de New York Times geeft een mooi beeld van Kennedy’s leven.

Advertenties

Clotilde Reiss

Het Westen raakt stilaan gefrustreerd dat de revolutie tegen het Iraanse regime niet van de grond komt. Ahmadinejad en de zijnen zijn er in geslaagd om zonder grote bloedbaden – met alle respect voor Neda en haar onfortuinlijke lotgenoten – het protest monddood te maken. De schijnprocessen van de landverraders komen wel in de Westerse media en lokken hier en daar protest uit, maar niemand wil met Iran een openlijk conflict riskeren. Wie weet wat voor nucleair materiaal ze in bezit hebben; bovendien schuilt er onder de Iraanse grond ongeveer 10% van de beschikbare olievoorraad. Een heikele situatie.

Het land heeft een ronduit slechte reputatie wat het respect voor de mensenrechten betreft. Op sommige elementaire vrijheden staan zware straffen en ook het ultieme middel om iemand monddood te maken, de doodstraf, wordt frequent toegepast. Zelfs kinderen worden niet geschuwd. We kunnen ons allemaal de beelden herinneren van de twee minderjarige jongens die wegens zogenaamde ontucht werden opgehangen. Niets kan deze barbaarse daden goedkeuren en de bewindvoerders zijn daar zonder enige twijfel voor verantwoordelijk.

Persoonlijke en politieke vrijheid zoals wij die kennen zijn Westerse concepten. In Iran, of er nu een Islamitisch regime of een gelaïciseerde regering aan het bewind is, krijgen deze waarden en normen een andere invulling. Het is niet aan het Westen om hun eigen maatschappij-ordende elementen op te leggen, maar sommige conventies zijn universeel en die mogen wel met alle beschikbare (politieke en economische) middelen worden gedecreteerd. Alleen: hoe doe je dat in een land als Iran? Het is evident dat een militair conflict absoluut niet de juiste oplossing is, maar de alternatieven liggen niet voor de hand. Een interne revolte ontketenen? Moeilijk. Economische sancties? Weinig realistisch. Een tussenkomst van de Verenigde Naties? Laat me niet lachen…

We zullen Ahmadinejad wellicht moeten uitzieken en hopen dat het protest tegen de volgende verkiezingen – of bij een volgend incident – van die mate zal zijn dat een werkelijke ommekeer mogelijk wordt, want van externe druk moeten we niet onmiddellijk resultaat verwachten. Het protest tegen de berechting van Clotilde Reiss, de Franse academica/studente die in Iran zou hebben gespioneerd, was er, maar ook niet meer dan dat. Zowel het Europees voorzitterschap als Nicolas Sarkozy hebben (ante factum) kort gereageerd. Veel impact maakt het in Teheran niet.

De zomer van Teheran

Toen Alexander Dubcek en de zijnen zich in de lente van 1968 verzetten tegen de Sovjet-overheersing in Tsjechoslovakije was er in het Westen een sprankeltje hoop dat het IJzeren Gordijn wel eens zou kunnen wankelen. Zijn socialisme met een menselijk gelaat kon voor een kentering zorgen. Een milde vorm van liberalisering – Dubcek wist ook wel dat je niet te snel kon gaan met dat soort dingen – kon misschien een mental switch forceren, maar het was er nog te vroeg voor. Op 20 augustus greep het Warschaupact in en stond Breznjev aan de deur. De speeltijd was over. Dubcek’s ideeën moesten voor twintig jaar de ijskast in. Hij heeft het in 1989 gelukkig nog kunnen meemaken. Mocht hij in 1992 niet zijn verongelukt, dan was Dubcek vandaag misschien wel de Nelson Mandela van het Oostblok.

Ik krijg dezer dagen precies hetzelfde gevoel als ik naar de gebeurtenissen in Iran kijk. Overal voel je de heimelijke hoop en verwachting dat het Islamitische regime zal vallen of minstens toegevingen zal doen aan de gematigden. Door hun geheimdoenerij, door het in de kiem proberen te smoren van elke vorm van kritiek op het regime geven Ahmadinejad en de zijnen resoluut de indruk dat er tijdens de verkiezingen één en ander niet koosjer is verlopen. Het protest blijft aanhouden en er zijn ondertussen al heel wat slachtoffers te betreuren. De ayatollahs zijn alvast niet bereid om een duimbreed toe te geven en hebben een hertelling al uitgesloten. Opposant Moussavi, wiens hervormingsgezindheid bijlange niet zo ver gaat als Dubcek’s pogingen, probeert zijn slag thuis te halen, maar aarzelt om de menigte in een bloedig en openlijk conflict te jagen. Dat Moussavi’s profiel geen grote vooruitgang ten opzichte van Ahmadinejad zou betekenen doet op dit moment voor de internationale gemeenschap weinig ter zake. De vijand van mijn vijand is mijn vriend.

Het is fascinerend om te zien hoe het buitenland – en zeker zij die Iran ooit als schurkenstaat hebben gestigmatiseerd – van het momentum wil profiteren om de internationale aandacht op de strubbelingen levendig te houden. Het hoeft geen betoog dat de (nieuwe) media hierin een centrale rol spelen. CNN wijdt nu al dagen aan een stuk haar homepage aan Iran en drijft het vaak nog op de spits door er een geel-zwarte “Developing Story”-boodschap aan toe te voegen. Het is alsof men met de moed der wanhoop een interne revolte op de been wil brengen. Wishful thinking? Wellicht, maar het zou ongelooflijk interessant zijn mocht deze polemiek de komende maanden aanhouden en het regime tot serieuze concessies dwingen. Al is ook hier waakzaamheid geboden. In Tel Aviv zal men niet happig zijn op een robbertje vechten.

Wij kunnen ook zelf ons steentje bijdragen. De social media doen er alles aan om zichzelf tot een volwaardige speler in dit gebeuren te promoveren. Facebook is sinds héél recent ook in het Farsi beschikbaar en YouTube trekt op haar homepage de aandacht naar video’s over Iran. Ook Twitter schakelt in een hogere versnelling. Er zijn niet enkel de Iran-kanalen, maar er wordt – via Facebook – aan de Twitter-gebruikers gevraagd om hun pc volgens de Iraanse tijdzone in te stellen. De geheime diensten proberen – zo luidt het verhaal – op basis van die tijdzone dissidenten die met Twitter hun boodschap willen verspreiden te traceren. Hoe meer mensen hun PC volgens die tijdzone hebben geprogrammeerd, hoe moeilijker het voor de repressie is om de online vrijheidsstrijders te vinden. Het internet én de social media als behoeder van de democratie. Schitterend.

Ondertussen is Neda, het meisje dat tijdens de protesten werd gedood, tot een ware heldin uitgegroeid. De rol van YouTube en andere netwerken is hierin niet te onderschatten. Zal, als we de lijn doortrekken, Neda in Iran éénzelfde status krijgen als Jan Palach, die zichzelf in Praag als martelaar in brand stak uit protest tegen de repressie van de Sovjets? Too soon to know, too late to save her life…

Yves Leterme se souvient

Het is u in tijden van kredietcrisis, hulp aan obscure IJslandse banken of Obamakoorts wellicht niet opgevallen dat de Francophonie dit weekend in Québec een top hield. Jaarlijks komen de regeringsleiders van landen waar Frans wordt gesproken of die een affiniteit met de taal hebben samen, maar tegenwoordig is het niet meer dan een restant uit een koloniaal verleden. Ook Yves Leterme was er en sprak er in naam van de Belgische regering. Hij ging meer bepaald in op de band tussen Canada en zijn eigen streek.

En ce moment, je me trouve à des milliers de kilomètres de mon pays et de mon domicile. canadien Mais de ma maison, à Ypres, en Belgique, il n’y a que deux kilomètres jusqu’au Canada, plus précisément jusqu’au Vancouver Corner, dans le hameau de Saint-Julien. A ce carrefour se trouve «Le Canadien», un monument en granit blanc, le buste d’un soldat canadien qui, la tête penchée, médite sur ses camarades tombés au champ d’honneur.

Le 22 avril 1915, dans le hameau de Saint-Julien, il y avait 18 000 soldats du la 1st Canadian Division, au moment où les Allemands, pour la première fois dans l’histoire da la Grande Guerre et pour la première fois dans l’histoire tout court, ont ouvert les bonbonnes de gaz. Les premiers gazés de la guerre furent des Canadiens.

Lees hier de volledige tekst (pdf)

De eerste minister beëindigde zijn speech met een knipoog naar de leuze van de Québécois, je me souviens. Mooi.

Canadian Memorial

Een unieke kans

beijing 2008Deze middag werd de ceremonie voor het ontsteken van de Olympische vlam voor Beijing 2008 onderbroken door actievoerders die opkwamen voor de Tibetaanse zaak. Nu China de komende maanden volop in de kijker zal staan zullen allerlei actiegroeperingen hun mening zo uitgebreid mogelijk trachten te ventileren. En gelijk dat ze hebben: in het China van Hu Jintao en zijn voorgangers is het als dissident zo goed als onmogelijk om media-aandacht te krijgen.

De censuur is tegelijkertijd onaanvaardbaar en belachelijk. Onaanvaardbaar omdat vrijheid van meningsuiting een absoluut grondrecht is. Er zijn natuurlijk nog meer landen waar censuur welig tiert, maar van een land als China, waarmee men in het Westen quasi kritiekloos dweept om haar ‘economisch potentieel’, kan worden verwacht dat zij enige regels in acht neemt. Economische liberalisering gaat er echter niet samen met politieke vrijheid en democratie. De overheid wil alle macht en controle bij zich houden. Dat de mensenrechten op alle vlakken met de voeten worden getreden moet men er maar bij nemen. Belachelijk omdat de ad hoc-maatregelen om Westerse journalisten de mogelijkheid tot onderzoek te ontzeggen zo doorzichtig zijn dat het als goedkope kolder overkomt. Ook de manipulatie van de beelden bij de mislukte ontbrandingsceremonie was van ongelooflijk ridicuul alooi.

De Olympische Spelen bieden voor de internationale gemeenschap dé gelegenheid om voor de ganse wereld een krachtige boodschap uit te sturen. Een mix van sport en politiek is geen vieze zaak en heeft heel wat precedenten. De Spelen van Moskou in 1980 werden door de Amerikanen geboycot. Ten tijde van de Apartheid werd Zuid-Afrika gemeden. Waarom zou het niet met China kunnen? De kans is jammer genoeg zo goed als onbestaande dat iemand een serieus diplomatiek incident zal riskeren. De economische belangen in het Verre Oosten zijn, als we de goegemeente mogen geloven, zó belangrijk dat een gebrek aan respect voor de mensenrechten als bijzaak wordt aanzien. China is inderdaad een gigantische markt, maar fundamentele rechten zijn er in die mate afwezig dat in 2008 een signaal onontbeerlijk is. Wellicht kunnen we hoogstens op een bijzonder subtiele hint in de speech van Jacques Rogge rekenen.

Het zou me plezieren mocht de media voor één keer wél massaal tot op het bot gaan. Als het ene persincident na het andere de Spelen overheerst en er na enkele dagen chaos dreigt, dan zal de Chinese overheid keer na keer in verlegenheid wordt gebracht. Misschien zullen ook elders de ogen opengaan. De lijst is immers lang: een totaal gebrek aan persvrijheid, een ongebreideld aantal doodstraffen, de harde onderdrukking van Tibet, het kat-en-muisspel met Taiwan, … De internationale gemeenschap kan het zich, Berlijn 1936 indachtig, niet permitteren om een dictatoriaal regime de mogelijkheid te geven om zich massaal te profileren. In dat geval zullen de Spelen een bijzonder nefast effect hebben en waren ze beter in, zeg maar, Stockholm, Praag, Toronto of zelfs Amsterdam doorgegaan. Ook een big business als de sportindustrie heeft een politieke dimensie. Gelieve deze goed te gebruiken. Dank u.

Super Tuesday

super tuesday
Het gebeurt één keer om de vier jaar, maar we zullen het geweten hebben: Super Tuesday! Jawel, in vierentwintig staten worden op hetzelfde moment Democratische en Republikeinse primaries gehouden. Wie het vandaag haalt, maakt veel kans om de respectievelijke nominatie in de wacht te slepen. Lukt het nu niet, dan hou je er best mee op of probeer je alsnog kandidaat vice-president(e) te worden.

Er komen nogal wat belangrijke staten aan bod: New York (thuisbasis van de Clintons), Illinois (met Chicago als thuishaven van Barack Obama) en het gigantische Californië (“the delegate jackpot”) zullen wellicht een beslissende factor vormen. Vooral aan Democratische zijde is de strijd moordend. Obama stapte als underdog, als jonge wolf in de race en had geen schijn van kans tegen de overbekende Hillary Clinton. Het bleek een zegen te zijn, want hij heeft zijn positie tot nog toe bijzonder goed geëxploiteerd. Onder het motto van “change” (confer Nicolas Sarkozy) probeert hij de democratische kiezer voor hem te winnen. Vaak liggen de standpunten van beide protagonisten niet zo ver uit elkaar, maar het leggen van accenten – en vooral de manier waarop – maakt het verschil. Bovendien hangt bijzonder veel af van het ‘momentum’. Het is een ongelooflijke bonus als je een goede beurt maakt in de media. Doe je dat niet, dan wordt je onmiddellijk electoraal gesanctioneerd. Bij de Republikeinen schijnt John McCain de beste kaarten in handen te hebben. Zijn concurrenten, Mitt Romney en Mike Huckabee, zijn naar onze maatstaven geen geloofwaardige alternatieven, maar in de Verenigde Staten hanteert men andere normen.

Het Amerikaanse kiespubliek en de hot issues zijn totaal anders dan de onze. Zaken die bij ons evident zijn en waar niemand nog vragen over stelt zijn across the pond maatschappelijke cesuren. Abortus is in Europa geen electorale breuklijn, maar kan in de Verenigde Staten voor een verschil zorgen. Ook de discussie tussen de leer van Darwin en het ‘intelligent design’ lijkt vanuit ons perspectief absurd. U hoeft maar eens de stemtest te doen om u in te leven in de Amerikaanse besognes. Wie niet bij John Edwards uitkomt moet zich zorgen beginnen maken.

Op moment van schrijven is het net 19u00 geworden in Georgia en daar heeft Barack Obama het bij de Democraten gehaald. Hoewel hij niet louter teert op zijn afkomst is Georgia natuurlijk de staat van Martin Luther King. Of heeft dit geen invloed? Is het een trend die zich verder zet? We zullen het morgen zien…

Links:

YouTube Super Tuesday
CNN Election Center
NYTimes 2008 Election Guide

Google Genocide

darfur

De eenentwintigste eeuw is nog jong en toch zijn er al enkele absurde menselijke catastrofes gebeurd. We hadden 9/11, de oorlogen in Afghanistan en Irak, de onnavolgbare Tsunami van eind 2004 én het conflict in Darfur. Ver weg van de camera’s plegen de Soedanese bewindslieden een genocide van de zuiverste soort. Tegen Darfur, een regio die een tijdje geleden wat meer autonomie eiste, wordt met bijzonder harde hand opgetreden. Heuse doodseskaders trekken de dorpen in en branden ze zowat helemaal plat. Vrouwen, kinderen noch onschuldige mannen worden ontzien. Dit heeft een massale vluchtelingenstroom naar het naburige Tsjaad tot gevolg. Een hallucinante vertoning, want een land dat nauwelijks enige middelen heeft moet plots honderdduizenden ontheemden opvangen. Bovendien worden ook hun dorpen aan de grens met Soedan geteisterd. Behalve tijdens een blitzbezoek van Sarko aan het land komt N’Djamena nooit in het nieuws, terwijl er gigantische drama’s plaatsvinden.

Online kan men wel zijn gading vinden. Via het fantastische Google Earth kan je via luchtfoto’s de resultaten van de wreedheden bekijken. Het United States Holocaust Memorial Museum werkte een traject op Google Earth uit waarmee je de gruwelijkheden van bovenuit kan bekijken (.kmz-bestand). Het conflict komt op die manier beangstigend dicht in de huiskamer. En maar goed ook.

Ondertussen kijkt de internationale gemeenschap de andere kant op. In de VN-Veiligheidsraad kan men niet op een daadkrachtige manier reageren, want China blokkeert alle serieuze ingrepen. China heeft immers bijzondere oliebelangen in Soedan. In ruil voor het zwarte goud krijgt het Afrikaanse land militair materieel van Chinese makelij. Dat zet Khartoem natuurlijk met plezier in tegen de mensen in Darfur. Puik werk, meneer Hu.

9/11 en de Zaak Zonnebloem

We herdenken vandaag al voor de zesde keer de gebeurtenissen van 11 september 2001. Of die vermaledijde dinsdagnamiddag dezelfde status zal krijgen als Sarajevo 1914, Pearl Harbour 1941, Hiroshima 1945, Dallas 1963 of Berlijn 1989 zullen we pas binnen enkele decennia met zekerheid kunnen zeggen, maar het heeft er alle schijn van. Met enige lyrische overdrijving kunnen we wel poneren dat het de dag was waarop de wereld stil stond. Hét symbool van het Vrije Westen werd tot puin herleid; de clash of civilzations werd plots de nieuwe as waarrond de internationale politiek zich ging concentreren. Hierover is al veel gediscussieerd, zijn al massa’s William-Van-Laeken-gedubde-panorama-edities uitgezonden, is al veel gevochten, kortom, een bijdrage aan dit debat levert niet meteen zinnige lectuur op en dit bespaar ik u met graagte.

Ik stel me wel de vraag waarom men nooit nagaat of de mensen van Al Qaeda het Kuifje-album De Zaak Zonnebloem hebben gelezen. Professor Triphonius Zonnebloem had immers stralen ontwikkeld waarmee de infrastructuur van de tegenstrever kon worden vernietigd. Hij werd hiervoor ontvoerd door zendelingen van, zeg maar, Moskou, die met veel plezier van deze technologie gebruik wilden maken. Enkele plaatjes toonden hoe de partijmannen het effect van deze straling demonstreerden. Men had een maquette van de skyline van een Amerikaanse stad (zeg maar New York) nagemaakt en er de chemie op losgelaten. Na een tijdje zakten de gebouwen als een kaartenhuisje in elkaar. Ziehier wat we het Westen kunnen aandoen! Gelukkig konden Kuifje en Haddock op het nippertje Zonnebloem en zijn plannen en formules uit de klauwen van de tegenstander houden. Eind goed al goed.

Jammer dat mijn exemplaar zich op zo’n 150 km hiervandaan bevindt, anders had ik een scan gemaakt van die bewuste afbeeldingen. De gelijkenis met 9/11 is treffend. Ik heb dus een opdracht voor dappere onderzoeksjournalisten: ga na of er in de bergen van Afghanistan exemplaren van de Zaak Zonnebloem te vinden zijn. Het moeten niet altijd rampenfilms zijn die voor inspiratie zorgen.  Good old Hergé kon er ook wat van.

Sarko in actie

sarkoDaar is ie weer met zijn Sarkozy zult u zeggen, maar de man blijft me mateloos intrigeren. Ook tijdens de Quatorze Juillet kon hij het niet nalaten om een breuk met het verleden te maken, of beter: bewijzen dat hij wel degelijk voor le changement kiest. Frankrijk zal nooit meer hetzelfde zijn. Daarbij schuwt hij geen heilige huisjes. In tegenstelling tot zijn voorgangers schrapte hij het traditionele TV-interview dat normaliter plaats vindt in de nabijheid van de garden-party, het feestje in de tuinen van het Elysée, waar geselecteerde Fransen een namiddag in het bijzijn hunner president kunnen doorbrengen. Sarko heeft enkele weken geleden nog maar een uitgebreid gepraat met TF1. Claire Chazal en Patrick Poivre d’Arvor legden hem braafjes het vuur aan de schenen, maar de nieuwbakken president scheen ervan te genieten. Al was het genoeg: geen tweede TV-optreden in korte tijd.

Dit was niet de enige afwijking van de traditie, waar de Fransen toch zo aan gehecht zijn en wat hen sympathiek maakt. Sarkozy weigerde om ter gelegenheid van de nationale feestdag vijfduizend gevangenen gratie te verlenen. Het zal allicht een fikse ontgoocheling en anti-Sarko-kreten hebben opgeleverd bij diverse ‘brave’ gedetineerden. De president ziet echter geen redenen om hen vrij te laten op het moment dat men de strijd tegen de criminaliteit opvoert. Chirac heeft zich hier nooit aan gewaagd, maar veel valt toe te schrijven aan diens apathie, immobilisme en gebrek aan politieke moed.

Alsof dat nog niet genoeg is ontmantelt hij ondertussen ook nog zijn politieke rivalen. De PS zat na de desastreuze presidentsverkiezingen al in zak en as. Sarkozy doet er nog een schepje bovenop door de kopstukken één voor één weg te promoveren. Bernard Kouchner werd al Minister van Buitenlandse Zaken in een hoofdzakelijk rechtse regering en werd prompt uit de PS verbannen. Een ander kopstuk en legendarisch Minister van Cultuur ten tijde van Mitterrand, Jack Lang, kreeg een topfunctie aangeboden en zal daar naar alle waarschijnlijkheid op ingaan. Hij werd alvast uit het leidend orgaan van de PS gezet. Vorige week dan haalde Sarkozy zijn voorlopig zwaarste coup uit: zwaargewicht Dominique Strauss-Kahn, beter bekend als DSK en oud-Minister van Economie en Financiën, wordt door de president én de Europese Unie voorgedragen als toekomstig IMF-voorzitter. Die benoeming komt traditioneel toe aan een Europeaan. De kans is dus groot dat ook DSK binnenkort de PS achter zich laat. Meteen is de partij niet zomaar onthoofd; ze is drie hoofden kwijt. Van de zeven éléphants blijven er nog vier over. Daarvan ligt François Hollande in de lappenmand, is Lionel Jospin aan pensioen toe en heeft Laurent Fabius zich na zijn Europa-débâcle nogal onmogelijk gemaakt. Wie komt er dan als toekomstig opperhoofd naar boven drijven? Jawel, Ségolène Royal, Sarko’s uitdaagster tijdens de presidentsverkiezingen. Ze had zich al voorgenomen om op het voorplan te blijven. Sarkozy heeft haar positie in deze impliciet versterkt. Wat hou ik toch van ironie.

Het geeft mij allemaal een déjà vu-gevoel. Begin deze eeuw – wat een uitdrukking – probeerde de VLD op alle manieren de toenmalige CVP te ontmantelen door overlopers op een niet onaantrekkelijke functie te trakteren. Voormalig voorzitter Johan Van Hecke liet zich meeslepen, Karel Pinxten liep schaamteloos over en ook een aantal backbenchers volgden. Daar stopte het echter mee. Karel De Gucht, de spirituele vader van de operatie, liep uiteindelijk een blauwtje op, want het leidde onrechtstreeks tot heel veel ongenoegen in eigen rangen, met de bekende gevolgen. Na de hubris komt de nemesis. Maar laten we vooral geen leedvermaak hebben, want dat hoort niet. Het kan iedereen overkomen. Misschien heeft Sarkozy wel een rechtstreekse lijn met de Melsenstraat. In één ding is hij twee maand na zijn aanstelling geslaagd: hij heeft voor een enorme ommekeer in de politieke gebruiken gezorgd. Of dat een goeie zaak is en het voor hem zal renderen blijft voorlopig een onbekende, maar toch: le changement is op enkele vlakken duidelijk zichtbaar. Il faut le faire…

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑